![]() |
Molenaardigheden | ![]() |
|
Cornelis Roozendaal & Jannetje Stet
Nalatenschap Na het overlijden van Jannetje Stet in 1825 werd de boedel verdeeld onder de kinderen Cornelis, Simon, en Antje Rosendaal en Pieter Daan als vader over de kinderen van de inmiddels overleden Dieuwertje Rosendaal, elk 1/4e deel.
Het ouderlijk huis, waar Simon was blijven wonen bevond zich in Warmenhuizen en had huisnummer 89. Kort na het overlijden van Jannetje, bij de invoering van het kadaster, werd het perceel sectie B nummer 65 genoemd. Het was gelegen op de plek waar nu de Cocobar staat. In het huis bevond zich het volgende:
Papieren: Afschrift van een testament van Jannetje Stet gedateerd 5 juni 1822 Afschrift van een acte van bewijs gedateerd 10 april 1800 gepasseerd voor de weesmeesters van Warmenhuizen na het overlijden van Cornelis Roozendaal. Hierin werd bewezen een stuk weiland van een bunder en ongeveer 47 roede. Een renteloze onderhandse obligatie gedateerd 31 maart 1823, restwaarde 1.090 gulden ten gunste van de overledene en ten laste van Pieter Blankendaal.
Hoewel er geen papieren van waren behoorde volgens zoon Simon ook het volgende tot de nalatenschap: 1. Een huis en erf te Warmenhuizen, genummerd 89, belend Meijert Kunis ten noorden en Arien Lievendag ten zuiden; 2. een stukje weiland te Warmenhuizen, groot ongeveer 59 roede, belend Lourens Maas ten westen en de weduwe van Gerrit Jewis ten zuiden; 3. een stukje weiland te Warmenhuizen, groot ongeveer 44 roede, belend Cornelis Blankendaal ten zuiden en de Heerevaart ten noorden en westen; 4. een stukje weiland te Oudkarspel, groot ongeveer 34 roede, belend de kinderen van Reijer van Baar ten oosten en Jan Hoogeboom ten westen; 5. een twintigste gedeelte in een stuk weiland van 1 bunder en ongeveer 47 roede, belend de erve Pieter Poland ten zuiden en Abraham Borst ten noorden. Pieter Blankendaal uit Schoorl had het vruchtgebruik van dit land.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|