|
TERUG
15
april 1802
Ik
ondergeteekende Jan Pietersz Molenaar, woonende te Warmenhuizen,
bekenne ontvangen te hebben van Jan Pietersz. Bakker en Jacob
Strooper, als voogden over mijne kinderen in Huwlijk verwekt
bij mijne overledene Huijsvrouw Pietertje Haarlem, Een zomma van
vijfentwintig gulden, welke zomma gemelde mijne kinderen
competeeren, uit hoofde van de verkoop van twee obligatiën op
Surinaamen belove dierhalven gemelde vijfentwintig guldens,
wederom, wanneer mijne genoemde kinderen meerderjarig zijn
geworden, als dan aan dezelve te zullen restitueeren en voldoen
verbinde daar voor mijn persoon en goederen als naar Rechten.
in
oirconde der waarheid, en in presentie van Jan Habbe en Martinus
de Moor als Weesmeesteren van Warmenhuizen, Crabbendam en
Schoorldam getekend, den 15 April 1802.
(was
getekend)
Jan
Molenaar / Martinus De Moor / Jan Habbe
|