|
Pieter Jansz Molenaar (1730 - ±1770)
Pieter
werd geboren in november 1730 en vlak daarna Rooms Katholiek
gedoopt op vrijdag 10 november 1730 in 't Velt, een dorp bij Niedorp tussen
Alkmaar en Schagen. De ouders waren Jan Reijersz Molenaar (ongeveer 32 jaar oud)
en Maartje Cornelis Cramer. Getuige bij de doop was Treijn Cornelis, een zus van
de moeder. Het weer was wisselvallig die dag, de wind kwam uit het zuidwesten en het was ongeveer
8 graden. (KNMI). De geboorteplek lag in Winkel, een dorp in de buurt van 't
Velt. Het ouderlijk huis was gelegen bij de korenmolen, ten noordwesten van
"de bosch", ten westen van de vaart en ten oosten van de weg (volgens
mij is dat nu de Bosstraat).
Pieter
groeide op met z'n broers en zussen bij de molen in Winkel. Na z'n geboorte
komen we hem in 1751 voor het eerst tegen in de archieven. Hij was toen 21 jaar oud
en
knecht op de molen van z'n vader. Op 5 december van dat jaar ging hij samen met
z'n vader naar Alkmaar om een notariële akte te ondertekenen waarin ze
verklaarden zich aan de regels voor korenmolenaars te houden.
 |
De handtekening van Pieter
Jansz Molenaar, geplaatst onder die van zijn vader. |
Huwelijk
en schenking van een huis
Op
31 december 1757, hij woonde toen nog in Winkel, ging hij in ondertrouw met
Neeltje Dirks uit Zijdewind. Zowel het wettelijk als het kerkelijk huwelijk
vonden plaats op 15 januari 1758.
Het was een koude dag, en de dagen erna zou
het nog kouder worden. Het kerkelijk huwelijk was in de RK parochie van 't velt
onder Nieuwe Niedorp. Pieter was toen 27 jaar oud.
 |
Het
huis waar ze gingen wonen kreeg Neeltje Dirks geschonken van Aaltje Jans, de
weduwe van Jan Cornelisz Rib, die op dat moment in Alkmaar woonde. Neeltje was
familie van deze Aaltje Jans, en ze had ook voor haar gewerkt als "dienstmaagt".
Jan Cornelisz Rib(kes) was van beroep bakker geweest. In de akte van 22 maart
1758 waarin de schenking vermeld staat is ook de ligging van het huis nader
toegelicht. Het huis stond in Zijdewind aan de westkant van de weg. Aan de
noordkant van het huis woonde Klaas Jansz Spelt. Aan de zuidkant was een
bakkerij die nu van Aerjen Pietersz Buijs was. Blijkbaar was die er ook net
komen wonen. Aan de noordkant van deze bakkerij had deze bakker recht van
overpad van 6 voeten breed over het erf van Pieter en Neeltje, zowel naar het
oosten naar de weg als naar het westen naar het water toe. Verder was het
geschonken huis en erf nog belast met een erfpacht van 5 stuivers die elk jaar
op Hemelvaartsdag aan de kerk van Oude Niedorp betaald moest worden. Voor de
belasting werd het huis gewaardeerd op 50 gulden.
Ook
een broer van Pieter ging rond die tijd trouwen. Op 31 maart 1759 vond het
kerkelijk huwelijk van Reijer Jansz Molenaar plaats op Texel. Hij trouwde daar
met Jantje Cornelis Veeger, en had zich voor die tijd al gevestigd op dat
eiland. Hij woonde in Den Burg, en Jantje kwam van De Koog. In 1764
woonde Reijer "in de Schans" op Texel, en kocht toen met geleend geld
2 koeien en 19 schapen.
 |
|
Kadastraal
kaartje van Zijdewind uit 1832 (linksboven is het noorden).
Perceel
nummer 283 is de plek waar Neeltje en Pieter woonden. Perceel nummer 288,
op de hoek bij de kerk, zou vanaf 1791 bewoond worden door Maartje Jans
Molenaar, een zus van Pieter. Onderaan, ongeveer op perceel 195 t/m 197
had de korenmolen van Claas Pietersz Molenaar gestaan. Dat was een neef
van de opa van Pieter. In perceel 286 was een hoefsmederij gevestigd. De
straat heet nu Havenstraat, en de kerk is inmiddels verdwenen.
|
Het
eerst kindje van Pieter en Neeltje werd gedoopt op 22 oktober 1758 in de RK
parochie van 't Velt. Het zoontje kreeg de naam Jan, en werd waarschijnlijk
vernoemd naar de opa Jan Reijersz Molenaar. Doopgetuige was Maartje Jans van
Alkmaar. Wie dit was weet ik niet. Het zou de zus van Pieter kunnen zijn
geweest, of misschien wel de zus van degene van wie ze hun huis hadden gekregen
(Aaltje Jans).
In
de jaren erna volgden nog 5 kinderen. Hieronder een overzicht:
| Doopdatum:
|
Naam: |
Doopgetuige:
|
| 30
januari 1760 |
Anna
|
Maartje Jans van Winkel
|
| 28
november 1761
|
Cornelis |
Trijntje Jans van Winkel
|
| 14
januari 1763
|
Cornelis |
Treijn Jans van Winkel
|
| 2
april 1764
|
Maria
|
Treijn Jans van Winkel
|
| 23
september 1767
|
Joannes
|
Sijmon Jansz Molenaar van Winkel
|
Uit
de belastinggegevens kunnen we nog wat informatie over het huis van Pieter en
Neeltje vinden. Het huis had nummer 118, en het erf erbij was 1 snees groot. In
de tijd voordat Neeltje het huis had gekregen stond huisnummer 122 ernaast
vermeld, en
dit huis was ook van Aaltje Jans. Het lag iets verderop, in de buurt van de kerk
en de school. Opvallend is dat Pieter Jansz Molenaar op 15
november 1761 niet alleen de belasting voor huisnummer 118, maar ook voor
huisnummer 122 betaalde hoewel dit laatste huis op naam stond van Aaltje Jans.
In
1764 kregen Pieter en Neeltje nieuwe buren. De bakkerij aan de zuidkant werd
verkocht aan Cornelis Dirksz Bakker. Zou dit een broer van Neeltje zijn geweest?
In datzelfde jaar werd het huis (nr. 122) van Aaltje Jans, die weduwe van een
bakker was, verkocht aan Jacob Garmens.
Trijntje
Jans Molenaar, de zus van Pieter die vaak doopgetuige was bij z'n kinderen, ging
op 18 januari 1767 trouwen met Sijvert Tijsse. Het huwelijk vond plaats in
Haringhuizen bij Barsingerhorn. Trijntje was niet eerder gehuwd geweest, maar
Sijvert was weduwnaar. Hij was vermoedelijk net als z'n vader timmerman van
beroep.
Neeltje
als weduwe
Op
4 januari 1771 blijkt dat Pieter al overleden is. Hij is dus niet ouder dan
ongeveer 40 jaar geworden. Zijn vrouw Neeltje was op dat moment een weduwe met 3
kinderen. Zij is daarna in Zijdewind blijven wonen.
Vermoedelijk
had zij een kostgangster genaamd Maartje Garmens. Uit de rekeningen van de
armenmeesters blijkt namelijk dat Neeltje Dirks in de periode van Pasen 1769 tot
Pasen 1770 een bedrag van 50 gulden kreeg voor 33 weken kostgeld van Maartje
Garmens. Ook daarna kreeg Neeltje elke 13 weken kostgeld tegen een tarief van 30
stuivers per week. In de periode Pasen 1771 tot Pasen 1772 gebeurde dit voor het
laatst. Toen werden ook de goederen van Heertje Jacobs en Maartje Garmens uit
Zijdewind in het openbaar verkocht.
In 1780 werd
Neeltje nog genoemd
toen het huis van haar buren aan de noordzijde werd verkocht. In 1788 woonde ene Gerrit Bruijn op
de plek waar Neeltje had gewoond. Vermoedelijk is Neeltje dus tussen 1780 en
1788 overleden. Een verkoopakte van het huis ben ik echter niet tegengekomen in
het register waarin dit zou moeten staan.
De
spullen van Jan Molenaar werden in 1784 in bewaring gegeven bij Jacob Kuijper.
Welke Jan Molenaar dit betrof stond er niet bij, maar het zou kunnen dat de zoon van Neeltje
en Pieter werd bedoeld.
|